onderwijs Studentenleven

Online colleges: “een zekere invasie van je privésfeer”

Zoommeetings, colleges via Blackboard, tentamens met online proctoring: tijdens de coronacrisis spelen onze levens zich meer dan ooit online af. Dat heeft gevolgen op allerlei vlakken. Een ondergesneeuwd probleem is volgens masterstudent Gijs Altena de vervagende grens tussen privé en publiek: “Het is een zekere invasie van je privéruimte.

Gijs Altena volgt de educatieve master Duits aan de Rijksuniversiteit Groningen. Sinds zijn colleges allemaal online plaatsvinden, denkt hij anders na over zijn privésfeer. “Het mag niet een te grote rotzooi zijn. En ik merk dat ik nadenk over de spullen op de achtergrond, of ik geen twijfelachtige boeken in beeld heb, bijvoorbeeld. Alles in je kamer moet ineens aan een soort norm voldoen. Doordat anderen kunnen meekijken in je kamer, wordt het onderdeel van de publieke ruimte.”

”Ik merk dat ik nadenk of ik geen twijfelachtige boeken op de achtergrond heb staan”

Aan de Rijksuniversiteit Groningen mogen docenten officieel het aanzetten van de webcam niet verplicht stellen, zo blijkt uit een gedragscode voor studenten over online onderwijs.

Wat er wel staat, is het volgende: “We gaan ervan uit dat alle studenten hun camera aanzetten. Het gebruik van een camera is niet verplicht, maar bevordert wel de interactie tijdens het college. in het bijzonder gedurende werkgroepen en practica. Het is voor docenten niet prettig tijdens ieder college tegen zwarte schermen te moeten praten.”

Altena wijst op de morele druk die hierbij onstaat. “Er wordt gezegd dat het hoort. Het wordt tot norm verheven.”

Gezien de omstandigheden -de coronapandemie- vindt Altena het wel begrijpelijk dat de colleges online plaatsvinden. “Anders wordt de communicatie nóg moeilijker.” Maar waar hij zich zorgen over maakt, is het gebrek aan terughoudendheid en het gemak waarmee deze middelen worden ingezet. “Naarmate ik er langer mee werk, heb ik er niet meer actief last van en dat is een soort gewenning aan het probleem.”

Maar in een crisis zoals deze moeten we blij zijn dat er zoveel mogelijk is online, vindt hoogleraar Privacy Gerrit-Jan Zwenne van de Universiteit van Leiden. Hoewel hij zich de bezwaren van Altena kan voorstellen, is hij groot voorstander van thuiswerken. Hij wijst bijvoorbeeld op de logistieke problemen die werken op locatie met zich meebrengt. Dat neemt niet weg dat hij de consequenties voor de privacy inziet. “Waar je vroeger redelijk anoniem door het leven kon gaan, is dat online moeilijk of uitgesloten. En een belangrijk verschil is inderdaad dat je in de studeerkamer van iemand kijkt, of in de keuken.”

Daar kun je volgens Zwenne wel wat aan doen, zoals een virtuele achtergrond aanzetten, of “die poster van SP even van de muur halen als je niet wilt dat mensen weten dat je daarop stemt. Dus we zijn niet helemaal weerloos.” Maar juist dat vindt Altena bezwaarlijk, de disciplinerende blik van buiten naar binnen waardoor je het gevoel hebt dat je kamer aan allerlei normen moet voldoen.

Een ander aspect waar privacyhoogleraar Zwenne op wijst is dat je thuis rekening moet houden met de mensen waar je mee samenwoont. Om die reden is het belangrijker om je aan afgesproken tijden te houden. “Als ik in de studeerkamer zit, zit mijn vrouw in de keuken. Dus je moet rekening houden met al dat soort persoonlijke omstandigheden. Werk en privé gaan door elkaar lopen.”

Zwenne kan zich vinden in de bezwaren van Altena. “Maar ik hoop toch van harte dat waar we nu inzitten tijdelijk is. En die gedachte maakt dat we het nu wel even kunnen hebben. Ik denk dat thuiswerken uiteindelijk meer de norm gaat worden. Dus zullen we iets moeten bedenken over werkgevers en docenten die in de studeerkamer meekijken. Dit soort ontwikkelingen leidt ertoe dat we dingen expliciet moeten maken die we op dit moment nog niet eens kunnen identificeren.”

“Een oplossing die hopelijk vanzelf komt, is dat we gaan mixen. De ene dag op kantoor, de andere dag online,” zegt Zwenne. Op het gebied van educatie, wordt dat ‘hybride onderwijs’ genoemd.

Maar voor Altena is de bezorgdheid dat online onderwijs genormaliseerd wordt. “De universiteit moet een plek zijn van overweging en contemplatie. Er moet niet te snel een onverdeeld hoopvol beeld worden geschetst van online onderwijs.” Hij verwijst naar de verhalen over hoe de RUG de beste online universiteit van Europa wilde worden. Dit betrof een uitspraak van RUG-bestuursvoorzitter Jouke de Vries, die daar echter zelf nog een verduidelijking over publiceerde: zijn opmerking dat de RUG de beste online universiteit van Nederland wilde worden, was ‘één zin uit een bredere analyse.’ Het hybride onderwijs is voor hem het onderwijs van de toekomst.

”Het lastige is natuurlijk dat er eigenlijk geen perfecte oplossing is. Bij elke oplossing zijn er bezwaren,” zegt Altena. ”Zodoende kan ik best accepteren dat er online colleges zijn. Maar ik vind het belangrijk dat er een constant bewustzijn is over wat het betekent en dat het niet gemakkelijk is.” Altena denkt dat een duidelijk besef ook beleidsmatig kan helpen en dat het belang van fysieke colleges meer wordt ingezien. ”En als dat besef er is, kunnen we misschien ook weer sneller overgaan op fysiek onderwijs.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: